Hoe leer je het best?

Houden we eigenlijk rekening met hoe een leerling het beste leert? Je zou zeggen dat als je weet hoe iemand het beste leert, veel problemen opgelost zouden zijn of in ieder geval minder groot. In een ideale wereld zou je namelijk niet constant het gevoel moeten hebben dat je faalt. Nee, je zou precies weten hoe je informatie het beste tot je neemt, je zou hierop inspelen en vervolgens het beste uit jezelf halen. De leerkracht zou zich dan afvragen hoe kan deze leerling het beste van zichzelf laten zien.

IK ZAL WEL DOM ZIJN

Dan is het toch op zijn zachtst gezegd apart te noemen dat de meeste leerlingen dan geen antwoord hebben als ik vraag hoe leer jij het best.De leraar zegt dat ik het zo moet doen.
Mijn ouders zeggen dat ik het zo moet doen.
Maar dan doe ik dat en werkt het nog niet. Ik zal wel dom zijn!

DE WERELD IS NIET STANDAARD

Wat we vergeten is dat de wereld niet standaard is dus waarom zou de manier van leren dat dan wel zijn? Dus wederom de vraag: Hoe leer je het best?

VERSCHILLENDE LEERSTIJLEN

Zoals jullie weten heb ik vaak over de verschillende leerstijlen die er zijn. Laatst kreeg ik online een opmerking van iemand die dacht mij te moeten redden van mijn visie. Het was iets in de trant van: “Ik hoor dat jij verkondigd dat er verschillende leerstijlen zijn maar ik wil je erop wijzen dat dit de grootste mythe van het onderwijs is en ik zou het zonde vinden als mensen je niet meer serieus nemen als jij hierin blijft hangen. Ik denk dat je best een goede docent bent maar dit is niet waar. Dit verhaal moet maar eens afgelopen zijn”.Oeps! Dat is even slikken. Het verbaast me namelijk altijd weer dat er mensen zijn die zich zo aangevallen voelen door mijn verhaal. Het duurt vervolgens  even voordat mijn eerste gevoelensreactie omgezet is in een woordenreactie. Dit is ook de reden waarom een leerling in de klas vaak wat langer doet over het geven van een antwoord. De initiele visuele-gevoelsmatige reactie moet omgezet worden in woorden. Kijk maar eens naar een leerling die nadenkt over een antwoord. Het is alsof je letterlijk de radertjes ziet draaien. Vaak schieten de ogen van links naar rechts of ze draaien naar boven. De vraag komt in de linker hersenhelft binnen en moet verwerkt worden in de rechter hersenhelft. Vervolgens moet hij weer terug naar de linker hersenhelft want de docent willen een antwoord in woorden :). Dat is hard werken.

NEUROWETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK

Deze persoon heb ik ten eerste bedankt voor de moeite die hij genomen heeft om mij hierop te wijzen. Maar tegelijkertijd heb ik hem ook verteld dat ik met hart en ziel achter deze denkwijze sta, dat dit gebaseerd is op meerdere onderzoeken en dat gelukkig steeds meer neurowetenschappelijk bewijs ons laat zien hoe de hersenen werken. Ook voorzien van links, net als hij had gedaan.

VISUELE LEERSTIJL

De leerlingen waar ik het over heb, hebben een visuele leerstijl. Linda Silverman heeft hier lang geleden al onderzoek naar gedaan en dit beschreven in haar boek Upside-Down Brilliance: The Visual-Spatial Learner (Nederlandse vertaling: Omgekeerd briljant: De visueel-ruimtelijke leerling).

OVERZICHT VS INZICHT

In het onderwijs staan we hier helaas te weinig bij stil. De leerstof wordt aangeboden op een manier die voor 95% van de bevolking werkt maar die voor de overgebleven 5% niet of nauwelijks werkt. Het zijn de leerlingen die op school erg gevoelig zijn voor de houding van de leerkracht, (erg) onregelmatige cijfers halen. De leerstof wordt namelijk altijd wel of niet begrepen en nooit een beetje. Er worden gemakkelijk verbanden gelegd en zodoende komen ze vaak tot intuïtieve en/of ingenieuze oplossingen voor problemen. Er moet vanuit een overzicht geleerd worden en de concepten worden voor altijd opgeslagen. Stampwerk werkt veelal niet omdat hier niet het nut van wordt ingezien. Als het de leerling al lukt met stampwerk dan lijken ze het te kennen bij het overhoren maar gaan ze alsnog onderuit tijdens een toets omdat ze het niet toe kunnen passen. Ze hebben niet het doel ingezien en kunnen dus weinig tot niets met de geleerde kennis.
Onder hen zijn de creatieve geesten maar ook ambachtelijke, technische, muzikale, emotionele en spiritueel begaafde leerlingen. Het zijn de laatbloeiers die pas vaak na school hun doel vinden en dan opleven.

WOORDDENKERS VS BEELDDENKERS

Het grootste gedeelte van de bevolking is woorddenkers, dit zijn auditief ingestelde leerlingen die kunnen vertrouwen op hun gehoor bij het aanleren van de spelling van woorden. Dit gaat niet op bij dyslectische leerlingen, zij moeten woorden visualiseren voordat ze de woorden kunnen spellen. Ze hebben een sterk visueel geheugen en moeten hierop leren vertrouwen. Ze leren hele woorden dan ook makkelijker dan woorden spellend uitspreken zoals dat op school gedaan wordt.


Laat de leerlingen alsjeblieft hun leerstijl ontdekken om succeservaringen te beleven 
en niet constant achter de feiten aan te hoeven lopen. Zo kreeg ik ook ooit de vraag van een leerling wat ze moest doen omdat de huiswerkbegeleiding had gezegd dat ze geen mindmaps meer mocht maken maar samenvattingen van haar werk moest maken voor een toets.
Waarom was vervolgens mijn vraag? Dat wist ze ook niet want daar was geen reden voor gegeven.
– Wat wil jij zelf?
– Wat vind jij fijn?
Ze had net ontdekt dat mindmaps maken haar meer overzicht en houvast bood dus dat wilde ze eigenlijk blijven doen. Nou, dan is dat je antwoord. Het is jouw schoolwerk en als dit voor jou werkt dan blijf je dat gewoon doen.
De opmerking van de huiswerkbegeleider was ook nog eens begonnen met “Ik vind dat je samenvattingen moet maken”. Dan weet je al genoeg. Dat is de manier die werkt voor die persoon.

DE LEERLING MOET HET ZELF ERVAREN

De leerling weet vaak heel goed zelf wat werkt en wat hij of zij fijn vindt. Als hij of zij vragen over heeft, kun je tips en adviezen geven maar iets opdringen heeft geen zin.

NATUURLIJK ZIJN ER OOK STRUIKELBLOKKEN

Het brengt naast fantastische eigenschappen ook struikelblokken met zich mee en kennis hiervan is cruciaal om te weten waar de leerlingen dagelijks tegenaan lopen. De creatieve manier van denken kan problemen opleveren bij taal, zelfvertrouwen, planning en organisatie. Dit zijn vaardigheden waar aandacht aan besteed moet worden om vooruitgang te boeken. Het feit dat ze leren vanuit overzicht wil niet zeggen dat dit overzicht er van nature in zit. Daar moeten de meeste leerlingen mee geholpen worden. Je zit dit terug in het moeite hebben met het plannen van huiswerk.- Hoe veel is het?
– Hoe lang ben ik hier mee bezig
– Wanneer moet ik dan beginnen?
– Op welke manier leer ik het prettigst?
– Hoe onthoud ik het meest?
– Hoeveel herhaalmomenten moet ik inplannen?

INLEVINGSVERMOGEN

Het vergt veel inlevingsvermogen van de omgeving om hier mee om te gaan. Onbegrip over hun denkwijze werkt faalangst in de hand. Ze moeten juist leren vertrouwen op hun sterke kanten; hun oplossend vermogen bijvoorbeeld. Help ze met het ontwikkelen van strategieën om informatie opname beter tot stand te laten komen.

Stop met het worstelen met de Engelse grammatica tijden!
Deze mindmaps gaan er voor zorgen dat ook jouw zoon of dochter de Engelse grammatica tijden gaat snappen. Je ontvangt dan ook regelmatig tips en trucs die hierbij helpen.
(meer…)

Lees verder

Onderschat de leerling niet

NIET BEGREPEN  Ik hoor heel vaak van de leerlingen in mijn  praktijk dat ze niet begrepen worden of zich in ieder geval niet begrepenvoelen. Dit zijn twee zaken die we niet met elkaar moeten verwarren trouwens 😊. VEEL WETEN MAAR MOEITE MET HET ONDER WOORDEN BRENGEN We hebben namelijk te maken met gevoelige leerlingen voor wie een blik of een gevoel al genoeg is om uit balans te raken. We moeten ons beseffen dat ze vaak heel veel weten maar dit moeilijk onder woorden kunnen brengen. Ik kwam deze statement tegen en hij verwoordt precies wat ik wil zeggen: Onderschat mij niet Ik weet meer dan ik zeg Denk meer dan ik spreek & constateer meer dan jij realiseert HOE KOMT DIT EIGENLIJK? Om dit te begrijpen moeten we gaan kijken naar hoe…

Lees verder

Als je het begrijpt is het makkelijk

Laatst was ik samen met een leerling bezig met het doornemen van bepaalde grammatica onderdelen plus het maken van oefeningen ter voorbereiding op een toets. Tijdens het maken kreeg ik de vraag wanneer we aan de moeilijke opdrachten gingen werken want dit was makkelijk. Hij keek me heel verbaasd aan dat dit de oefeningen van de stof waren en dat hij de stof dus beheerste als de opdrachten makkelijk waren. Als je het begrijpt is het makkelijk. OVERZICHT ONTBREEKT De dyslectische leerling heeft een visuele leerstijl die niet past bij de auditieve leerstijl die op school wordt toegepast. Op school wordt de stof namelijk veelal aangeboden op klank en wordt veelal aangeboden via verschillende puzzelstukjes. Het overzicht ontbreekt echter en dus worden er geen verbanden gezien. Ze zijn namelijk gebaat bij een overzicht…

Lees verder

Dat woord heb ik nog nooit gehoord!

  Afgelopen weekend was er een interessante reactie op Facebook van iemand die kwaad was vanwege de stelling: “Engels is extra moeilijk voor dyslectische leerlingen”. Haar reactie was: “Blijf dat volhouden en ze gaan het zelf nog geloven”. Zij vond dat ze als leerkracht voldoende deed door zich wat in te lezen en de normering aan te passen. Verder was het allemaal een hype en moesten we met zijn allen niet zo moeilijk doen want er waren ook zat leerlingen met dyslexie die geen problemen hadden met Engels. Mmmm. Okay, we moeten er niet moeilijk over doen omdat NIET IEDEREEN er moeite mee heeft. Nee, gelukkig niet zeg. “Dan gaan ze het zelf geloven…..” - Nu ben ik het daar op zich wel mee eens want ik leg altijd uit dat het hebben…

Lees verder

Hoe leer je het best?

  Houden we eigenlijk rekening met hoe een leerling het beste leert? Je zou zeggen dat als je weet hoe iemand het beste leert, veel problemen opgelost zouden zijn of in ieder geval minder groot. In een ideale wereld zou je namelijk niet constant het gevoel hebben dat je faalt. Nee, je zou precies weten hoe je informatie het beste tot je neemt, je zou hierop inspelen en vervolgens het beste uit jezelf halen. De leerkrachten zouden zich dan afvragen hoe het beste uit de leerlingen zouden kunnen halen. De wereld is namelijk niet standaard dus waarom de manier van leren wel? Dus hierbij de vraag: Hoe leer je het best?   Zoals jullie weten heb ik het al vaker gehad over de verschillende leerstijlen die er zijn. De leerlingen waar ik het…

Lees verder

Leren: gaat het niet linksom, dan maar rechtsom

Hoe leert de leerling? Als we weten op welke manier de leerling het beste leert, kunnen we hier op in spelen. Op deze manier kunnen we dan het maximale uit de leerling halen. De wereld is niet standaard waarom de manier van leren dan wel? Deze wetenschap is cruciaal voor het correct aanbieden van de leerstof en maakt een wereld van verschil in het opnemen van informatie.   Linda Silverman heeft hier bijvoorbeeld onderzoek naar gedaan en dit beschreven in haar boek Upside-Down Brilliance: The Visual-Spatial Learner (Nederlandse vertaling: Omgekeerd briljant: De visueel-ruimtelijke leerling). HUIDIG ONDERWIJS In het onderwijs staan we hier te weinig bij stil. We bieden de leerstof op één bepaalde manier aan. Een vorm van onderwijs die werkt voor de meerderheid van de leerlingen maar we maken het hierdoor voor…

Lees verder

Beelddenken; wat is dat nu eigenlijk?

Beelddenken - Getting Ahead

Beelddenken is een gave: een creatieve, drie-dimensionele manier van denken. Helaas kan deze manier van denken wel problemen opleveren met taal (dyslexie), rekenen, zelfvertrouwen, planning en organisatie.

Je kunt dit simpele testje doen om te kijken of je een voorkeur voor beelden of woorden hebt. Denk maar eens aan het woord stoel. Wat zie je?

Zie je de letters S-T-O-E-L of zie je een plaatje van een stoel?

Als je een plaatje ziet ben je waarschijnlijk een beelddenker en gaat je voorkeur uit naar visuele informatieverwerking.

taaldenker vs beelddenker
taaldenker vs beelddenker

Een aantal voorbeelden uit het dagelijks leven van een beelddenker zijn;

  • geen tijdsbesef
  • concentratieproblemen ivm korte aandachtspanne
  • wisselend prestatiepatroon
  • veel fantasie (soms op het leugenachtige af), vindingrijkheid en originaliteit
  • faalangst
  • overdreven gevoel van rechtvaardigheid
  • zeer veel empathie
  • impulsief
  • moeite met het verwoorden van gevoelens en/of emoties
  • doorzettingsvermogen
  • onverwacht heldere inzichten
  • moeite om zaken te ordenen / systematisch aan te pakken
  • De gedachten vervangen de taal. Taal komt pas aan de orde nadat het beeld bekeken en begrepen is.
Wat ziet een beelddenker?

Hij ziet meer dan er geschreven of gezegd is. Hij voelt, ruikt, ziet en interpreteert. Het verhaal wordt emotioneel gekleurd.

Het hele leven van een beelddenker staat in het teken van deze bijzondere eigenschap. Het zelfbeeld en de perceptie van de wereld worden bepaald door hoe alles om hen heen ervaren wordt.

Wanneer je een beelddenker iets verteld, ziet deze de gebeurtenis als een film voor zich. De zintuigen horen, zien, voelen worden tegelijk ervaren. Het gevoel speelt een belangrijke rol. Ervaringen zijn gekleurd met emotie, geuren en kleuren.

Hoe luistert een beelddenker?

Visueel zijn ze sterk maar auditief niet vandaar dat het vaak lijkt alsof ze niet luisteren. Er is een vertraging in de reactie op aanwijzingen en opdrachten.  Ze hebben moeite met het verwerken van informatie die mondeling wordt aangeboden. Het geeft problemen met het onthouden van de instructies als ze niet bij lange instructies de draad niet al lang kwijt geraakt zijn.

Hoe denkt een beelddenker?

Ze zien makkelijk de grote lijnen. Ze zien 32 beelden per seconde dus het denken in beelden gaat minimaal 15x sneller dan denken in woorden (2 woorden per seconde). Hun gedachten gaan sneller dan hun woorden kunnen bijhouden. Ze praten veel met de handen en struikelen vaak over hun woorden. Hun woordenschat en gedachtegang is origineel. Maar ze nemen gemaakte opmerkingen vaak letterlijk en dit kan tot miscommunicatie leiden. Zaken worden ook persoonlijk aangetrokken en ze hebben moeite om hier afstand van te nemen. Details worden pas waar genomen als het totaal plaatje gezien is wat op school problemen oplevert omdat de lesstof stap voor stap wordt aangeboden.

Hoe ontstaat het?

Iedereen wordt geboren met een dominante rechter hersenhelft, makkelijk te verklaren aangezien de taalontwikkeling en het beredeneren pas op latere leeftijd komt. Baby’s maken geen gebruik van taal. Zij lezen lichaamstaal. Door het bewegen van armen en benen verkennen ze de ruimte om zich heen. Met klanken (huilen) maken zij duidelijk dat ze iets willen. Alles is gericht op het vervullen van een behoefte: primair denkproces. Dan leert een kind praten, taal gaat overheersen en kinderen gaan de wereld ‘beredeneren’. Rond het derde/vierde jaar gaat een kind in woorden denken: secundair denkproces.

Een goed voorbeeld: een baby heeft honger. Hij gaat huilen, krijsen en met zijn armen en benen zwaaien om de aandacht van zijn moeder te krijgen
= PRIMAIR DENKPROCES

De baby zal niet beredeneren dat zijn moeder aan het stofzuigen is, en dat hij dus even moet wachten = SECONDAIR DENKPROCES

Een kleine groep kinderen maakt deze overstap niet. Zo’n 5% blijft in beelden denken (primair denkproces). De rechter hersenhelft blijft dominant. De linker hersenhelft kan een achterstand gaan vertonen. Dit hoeft echter niet. Hoogbegaafde mensen bijvoorbeeld denken in beelden en zijn ook goed in taal en rekenen. Hun linker- en rechter hersenhelft zijn even sterk. Als de linker hersenhelft wel minder wordt ontwikkeld, kan dit leerproblemen veroorzaken.  Het onderwijs sluit namelijk niet aan bij alle denkwijzen. Logisch, want de meerderheid van de mensen (±95%) leert auditief digitaal (via het gehoor). Slechts een kleine groep (5%) leert visueel.

Linker hersenhelft                                       Rechter hersenhelft

  1. Secondair voorkeursdenken                      Primair voorkeursdenken
  2. Beredeneren                                               Beleven
  3. Informatie opbouwen                                Ritme
  4. Planning en organisatie                             Ruimtelijk inzicht
  5. Tijdsbesef                                                    Overzicht
  6. Details                                                          Verbeelding
  7. Woorden (taal)                                            Dagdromen
  8. Nummers (rekenen)                                   Kleur

Het (leren) omgaan met beelddenk kwaliteiten valt of staat bij de begeleiding. Het ordenen van de informatie is een probleem waar beelddenkers elke dag tegenaan lopen. Het vergt veel inlevingsvermogen van de leerkrachten in het onderwijs hoe hier mee om te gaan. Onbegrip over hun denkwijze werkt faalangst in de hand. Ze moeten juist leren vertrouwen op hun sterke kanten; hun oplossend vermogen bijvoorbeeld. Help ze met het ontwikkelen van strategieën om informatie opname te automatiseren. Een van de belangrijkste punten is inzicht krijgen is het waarom. Waarom moet iets geleerd worden? Wat is het grote plaatje?


(meer…)

Lees verder
Sluit Menu